Historiek

Welkom op de website

K. PUTTE S.K.

Stamnummer: 03874

 

Er was eens… of hoe het begon.

 

Beweerd wordt door de vertellers van dienst dat Stan Stockmans,het toenmalige hoofd van de school, teveel werd geteisterd door de Putse jeugd, die ook buiten de lesuren de speelplaats van de school gebruikten als voetbalveld. Hij zou de jeugd ervan overtuigd hebben dat zij in een echte club moesten sjotten, op een echt voetbalveld. In ieder geval was het zo dat de officiële elftallen van Stabroek en Kapellen werden gepubliceerd en in Putte vond men dat niet kon achtergebleven worden. In 1925 werd dan ook de Putse club gesticht onder de naam van ST.-DIONYSIUS F.C.Naar het voorbeeld van de pauselijke kleuren werden de clubkleuren wit en geel. De eerste wedstrijd werden gespeeld op de weide van landbouwer Gijsen, achter de kerk. De vedetten in die tijd waren de gebroeders Eugeen en Karel Teysen, en de toenmalige Koster en eveneens bakker Frans Wouters.

 

In die tijd werd gespeeld in de 3de afdeling van de B.V.B.(Belgische Voetbalbond).De eerste voorzitter en medestichter van de club was Constant Lathouwers, overleden in 1951 en beter gekend onder zijn bijnaam STAN DEN BORD. Het bestuur bestond op dat ogenblik uit heren Eduard Stokmans, Leon en Stan Jacobs, Jos De Winter en Eugeen Van Dijck. Alle correspondentie met de BVB gebeurd in die tijd in het Frans. Het huidige tijdschrift << SPORTLEVEN >> bestond toen ook enkel in het Frans onder de naam << LA VIE SPORTIVE >>.Het verplichte abonnement op dit blad was er al wel. Gelukkig waren er verschillende bestuursleden die het Frans konden lezen en schrijven, zodat communicatie met de bestuursorganen van de voetbalbond mogelijk bleef. Er waren al snel een vijftigtal leden die bereid waren om maandelijks 2 frank bijdrage te betalen om de onkosten te regelen(dat werd toen <<uitleggen>> genoemd).Iedere speler beschikte over een eigen volledige uitrusting en stond in voor het wassen en het onderhouden ervan. Enkel de doelwachter kreeg handschoenen en knielappen op kosten van de club.Het clublokaal was gevestigd bij weduwe Stokmans, toen enkel gekend als Marie De Geps.STAN DE GEPS, zoon van Marie, was materiaalmeester en zijn voornaamste opdrachten in die tijd waren het herstellen en opblazen van de matchbal. De verplaatsingen gebeurden met de camionetten van KEES VAN CEELEN, een Noorderbuur van over de grens. De vervoerkosten moesten door de spelers zelf worden geregeld. In die tijd was het wettelijk verboden om ook maar enig voordeel te puren uit het voetbal. Winstbejag van zowel spelers als club werden door BVB streng bestraft. Zo werd onder andere Raimond Braine van Beerschot zwaar beboet omdat hij voor Sparta Praag ging spelen.

 

St.Dionysius wordt Putte SK.

 

In de genoemde periode kreeg de club ieder jaar een nieuwe wedstrijdbal aangeboden door de kristelijke politieker van Kapellen, telkens rond de nieuwjaarperiode. Alhoewel er in die zin nooit iets werd gezegd en er ook niet naar werd gehandeld was het toch zo dat zij St.Dionysius zagen als een stukje van de politieke winkel. In 1928 werd de naam veranderd in PUTTE SK. De clubkleuren veranderden eveneens en werden een witte trui met rood kraagje en rode bandjes onderaan de mouwen , een rode cocarde op de borst en eveneens een witte broek. Omdat de club was veranderd van naam en vooral omdat de kleuren niet uitgesporken kristelijk meer waren vonden diezelfde politiekers dat de club geen recht meer had op het jaarlijkse geschenk in de vorm van een wedstrijdbal. Om de kas te spijzen werd besloten een bal te organiseren. Dit werd in eerste instantie door diezelfde politiekers geweigerd, omdat het zou gaan om louter winstbejag wat met de club en de sport niets te maken had. Na bemiddeling mocht het EERSTE BAL VAN PUTTE SK dan toch doorgaan. De organisatie vond plaats in de zaal bij Frans Wouters. Het werd een succes en het bracht het nodige geld in de lade. Café VICTORIA, bij den Tieze, werd het nieuwe clublokaal en de centen van de club werden in die tijd bewaard in een apart vak van de geldlade van het café. In die periode werd door de BVB de verplichting opgelegd om een verbandkist te hebben. De generatie vertellers die ons deze geschiedenis overbrachten gaan er prat op te melden dat het kistje steeds werd meegenomen naar het terrein maar .....dat het nooit nodig is geweest om het te gebruiken. Ze wisten zelfs niet wat er in stak. Er waren in die tijd praktisch nooit gekwetsten.

 

1930 of het frivole jaar

 

De verhouding tussen de mannen en de vrouwen van toen was in die tijd uiteraard meer conservatief dan dit heden ten dage het geval is. Toch kreeg PUTTE SK. in 1930 het bezoek van enkele heren die voorstelden dat een Brussels en een Antwerps elftal het tegen mekaar zouden opnemen op de terreinen van PUTTE SK, op dat ogenblik bij Jaak Cleiren. De inkom zou @ frank bedragen. Het voornaamste was dat het ging om twee DAMESPLOEGEN> Dat betekende een voor die tijd onbekend evenement. Van de 22 meisjes waren er slechts twee die al eens eerder tegen een bal hadden gestampt. Achteraf bleek dat er geen enkel Brussels meisje bij was maar dat ze allemaal van Antwerpen waren. Tegen het moment van de rust hadden de mannen genoeg van de meisjesbillen, zodat de meeste naar huis gingen. De kritiek van de vrouwelijke Putse bevolking was niet uit de lucht. Ze vonden het een schande maar de clubkas was alweer enkele centen rijker.

 

Terug naar het Muizenboske

 

Nadat op de weide werd gespeeld van landbouwer Gijsen achter de kerk, ging PUTTE SK al snel voetballen aan het Muizenboske. Daarna werd uitgeweken naar de wei van Jaak Cleiren. Nadien werd door graaf Moretus een terrein ter beschikking gesteld naast het Muizenboske. Vandaar de titel van deze episode. Om er te geraken moest men door de toenmalige Wolversdreef (nu Moretuslei) tot aan de huidige Veldstraat rijden. Daar ging men ongeveer 150 meter richting driehoek en dan 200 meter richting Stabroek. Op die manier kwam men aan de terreinen naast het Muizenboske. Voor de ouderen onder ons is het daar gelegen waar later de kippenkwekerij van Jan Van Steen was gevestigd met als kastelein Jos Kalf. Het karrenspoor om er te geraken was bezaaid met allerlei rommel en vooral met oude potten en pannen. Die moesten plat gereden worden door de karren. Ook het terrein van het Muizenboske was bezaaid met allerlei afval en werd in het midden doorkruist door een sloot. In die tijd werd het antitank kanaal gegraven en de grond om de sloot te dempen werd door de bestuursleden voornamelijk van daar aangevoerd. Ze togen aan het werk met paard en kar van Eduard Schuermans. Van graaf Moretus kreeg men rododendrons om het terrein af te boorden en het speelveld zelf werd afgebakend met paal en draad. Er werd door de bestuursleden een kabien (zo werd dat toen genoemd) gebouwd met drie afzonderlijke ruimtes, voor de beide ploegen en de scheidsrechter. Dat was voor die tijd een ware prestatie.

 

De verwijdering uit de BVB

 

Indien PUTTE SK altijd in de BVB had gevoetbald zou de club in 1993 niet het 50 jarig verblijf maar wel het 70-jarig verblijf bij de BVB gevierd hebben. Maar de Putse club liep een tuchtmaatregel op .In 1931 was er een geschil met club ASKU uit Merksem en dit tijdens een beslissende wedstrijd om het kampioenschap. Een lid van ASKU zetelde in de commissie van de BVB in Brussel en de scheidsrechter was nogal partijdig. De Putse spelers vereffenden zelf de oneerlijke rekening en trokken de scheidsrechter de bolhoed over het hoofd. Putte SK kon verschijnen voor de organen van de BVB. Zich verdedigen was onmogelijk, alles gebeurde in het Frans. Putte SK werd veroordeeld tot een boete van 1.500 frank in die tijd een ongehoord hoog bedrag dat onmogelijk te betalen was. Putte SK werd geschrapt van de bondslijsten en de club ging meer plaatselijk spelen in de Vlaamsche Voetbalbond. Putte SK speelde al snel in de hoofdreeks Het was pas in 1943 dat Putte een poging deed om terug te keren naar de BVB. De boete van 1.500 frank bestond nog steeds maar was niet aangepast aan de index zodat Putte de schuld wel kon vereffenen en terug kon deel uitmaken van de BVB.

 

Voetbalclub of toneelclub ?

 

Tijdens de oorlogsjaren mochten de inkomprijzen niet verhoogd worden. Het was voor de clubs verboden om op een andere manier inkomsten te verwerven. Daarom werd een toneelclub opgericht welke alle inkomsten gebruikte om de voetbalclub te steunen. Putte SK trok weeral zijn plan. In de periode van de oorlog werden alle archieven van de club vernietigd door een bomontploffing.

 

Na de oorlog

 

De gronden van het Muizenboske werden verkaveld. Putte SK ging voetballen op een terrein achter het cafe Stad Antwerpen(ondertussen met de grond gelijk gemaakt).Het clublokaal was Café Het Anker bij KEJKE DEN THIJS. In een volgende fase ging Putte voetballen op de terreinen van Jaak Cleiren. Putte SK was al na de oorlog één van de eerste clubs uit de omgeving die een echte trainer hadden, een zekere Verplancke.

 

Op naar de moderne tijden

 

Putte SK bleef in eerste instantie voetballen op de terreinen van Jaak Cleiren.Het voetballokaal was café De Zwaan op de hoek van de Vierhoevenstraat. Rond de jaren 70 werden aan de K.Putte SK terreinen ter beschikking gesteld door de gemeente Kapellen. Het zijn de terreinen in de Grensstraat die nu nog in gebruik zijn. De gemeente zorgde voor de kleedkamers. Bestuur en spelers bouwden de kantine die nu nog altijd eigendom is van de club zelf. Het voetballokaal werd gevestigd in Het Witte Paard bij den Bukes en Jacqueline. Later verhuisden ze naar café De Jorres en ging de voetbal mee. Ondertussen kwamen Tinneke en de Rik de zaak uitbaten en de Putse voetbal bleef op post.